Op de rand van Europa

Reis mee over de Ring of Kerry door het fluweelgroene zuidwesten van Ierland

17

Zuidwest-Ierland vormt een mysterieus gecomponeerd landschap: fluweelgroen en grenzend aan de Magic Atlantic. Reisjournalist Nicolline van der Spek en fotograaf Sander Boer brengen een ode aan de westelijkste kust van Europa, inclusief de beroemde Ring of Kerry en de buitenaardse Skellig Islands.

De nieuwste Star Wars is er gefilmd en de beste whiskeys komen er vandaan: Zuidwest-Ierland. Zeg maar: Nieuw-Zeeland voor beginners. Anderhalf uur vliegen en je bent er. In het westelijkst gelegen deel van Europa. The Kingdom wordt het genoemd, omdat dit deel van Ierland van oudsher het minst gehoorzaam was aan Engeland. Je vindt er de mooiste kustlijn van Europa, of in ieder geval de ruigste met overdonderende panorama’s. Een gebied zo wonderlijk mooi dat er maar één vraag relevant is: waar te beginnen?

De betovering begint al aan boord van het vliegtuig naar Cork. Van bovenaf zie je goed hoe onnatuurlijk groen het land is. Ook zie je hoe Ierland plotseling ophoudt en meters boven de Atlantische Oceaan uittorent, als een groot stuk taart waar lang geleden met een kartelmes stukken uit gesneden zijn. Het resultaat is een uiterst grillige kustlijn – bijzonder in trek bij toeristen. Vooral de Ring of Kerry, een autoroute van 177 kilometer over het schiereiland Iveragh. Thuis word ik van alle kanten gewaarschuwd: “Ga je de Ring of Kerry doen… in augustus? Dat wordt filerijden!” Ik laat me niet gek maken en luister liever naar een redacteur: “Vergeet Dingle niet, het schiereiland waar Fungie al 32 jaar rondzwemt.”

De Ring of Kerry is een autoroute van 177 kilometer over het schiereiland Iveragh

De Ring of Kerry is een autoroute van 177 kilometer over het schiereiland Iveragh

Zomervertier langs de Ring of Kerry op het strandje White Strand

Zomervertier langs de Ring of Kerry op het strandje White Strand

“Fungie built Dingle!” krijg ik later zelfs te horen van een local. Tot de jaren tachtig was er in Dingle behalve oeverloos fluiten op een tin whistle niets te doen. “Je kon er nog geen sandwich krijgen,” aldus dezelfde local. Maar sinds er dagelijks boottripjes gemaakt worden onder het motto no see, no pay zorgt welgeteld één dolfijn in Dingle voor meer toeristen dan alle Ierse pubs en Keltische ruïnes bij elkaar. En dát dus al 32 jaar lang! Ik vraag nog wat er zou gebeuren als Fungie op een dag dood zou gaan (dolfijnen schijnen iets van 40 jaar oud te worden), maar die vraag had ik in de kiosk waar ze de bewuste boottripjes organiseren beter niet kunnen stellen; de daarop volgende ijzingwekkende stilte dreunt nu nog na…

Sinds er dagelijks boottripjes gemaakt worden, zorgt welgeteld één dolfijn in Dingle voor meer toeristen dan alle Ierse pubs en Keltische ruïnes bij elkaar

Are you Happy?

Maar de vraag was: waar te beginnen? In ieder geval op de linkerhelft van de weg. De fotograaf rijdt en roep ik derhalve uit tot held van deze reportage. Uw verslaggeefster zit links en denkt vijf dagen lang dat ze aan het spookrijden is. De TomTom maakt het ons er niet gemakkelijker op. Direct na het vliegveld dwingt Mary ons rechts aan te houden: ‘Keep Right!’ Ze blijft het maar herhalen: ‘Keep Right!’ Ja, wat is het nou Mary: links of rechts?!

Enfin, alles went. Ook links rijden, al druk ik nog wel een paar keer het gaspedaal in, dat er helemaal niet is, en wil ik telkens aan de verkeerde kant van de auto instappen. De fotograaf (man van techniek) vindt het wel lachen, zegt hij, dat links rijden, inclusief de roundabouts, die je uiteraard ook links moet oprijden.

Van de route afwijken mag, bijvoorbeeld naar het vissersdorp Portmagee

Van de route afwijken mag, bijvoorbeeld naar het vissersdorp Portmagee

Nationaal park Killarney is een van Ierlands grootste trekpleisters

Nationaal park Killarney is een van Ierlands grootste trekpleisters

We maken een reis over de Ring of Kerry en het schiereiland Dingle en zijn, vers geland, op weg naar het centraal gelegen Killarney, op zo’n 90 kilometer van Cork. Onderweg stoppen we even in het plaatsje Macroom. De kogelronde eigenaar van een kleine kruidenierswinkel lijkt linea recta van de set van Harry Potter naar beneden te zijn gerold om voor ons een broodje te smeren. “Are you happy?” zegt hij bij binnenkomst. De reis moet nog beginnen, maar blij zijn we zeker. In ieder geval met ons broodje.

Na het diner trokken de deftige dames zich terug achter een schild om hun make-up, bestaande uit wax en lood, te beschermen tegen het haardvuur

Koningin Victoria

Killarney is een van Ierlands grootste trekpleisters, met een nationaal park als rugdekking en een oud landhuis als binnenkomer: het beroemde Muckross House, gebouwd in 1843 voor een bedrag van 30.000 pond. Dat waren nog eens tijden! In 1861 kreeg de landlord hoog bezoek: koningin Victoria met haar negen kinderen en honderd man personeel. Alles werd overhoop gehaald voor de vorstelijke visite. De gordijnen werden op bestelling in Parijs gemaakt, het notenhouten dressoir in Italië.

De vloeren kraken, ondanks het rode tapijt, terwijl je op elke verdieping wordt aangestaard door reeën en andere jachttrofeeën. In het souterrain bevinden zich 34 servant bells, variërend in formaat, zodat de bediende precies kon horen in welke kamer hij werd ontboden. De gang is smal, de keuken groot. Ik zie de meiden rennen met de dampende schalen, die boven nog eens extra werden verwarmd alvorens ze werden opgediend. Altijd haast en bang voor een botsing. Na het diner trokken de deftige dames zich terug bij de haard achter een schild om hun make-up, bestaande uit wax en lood, te beschermen tegen het vuur. De heren trokken zich terug in de bibliotheek met sigaren en een goed glas whiskey (in Ierland met een ‘e’ geschreven).

Dat waren nog eens tijden: het beroemde Muckross House werd gebouwd in 1843 voor een bedrag van 30.000 pond

Dat waren nog eens tijden: het beroemde Muckross House werd gebouwd in 1843 voor een bedrag van 30.000 pond

Al deze luxe staat in schril contrast met de hongersnood (The Great Famine), die van 1845 tot 1850 plaatsvond, als gevolg van een aantal mislukte aardappeloogsten, en minstens een miljoen Ieren naar Amerika deed emigreren. De achterblijvers kropen, aldus een Engelse sergeant, als ‘kraaien’ over het land, op zoek naar die ene schaarse aardappel. Dat de Engelsen niet ingrepen, wordt door de Ieren nog altijd beschouwd als een van de zwartste bladzijdes uit de koloniale geschiedenis van het Verenigd Koninkrijk. Tien jaar later gaat in Muckross House de rode loper uit voor koninklijk bezoek – uit Engeland. Het wil er bij mij maar moeilijk in.

Magische stilte

We wijken deze reis een paar keer af van de Ring of Kerry, te beginnen in de buurt van Killarney voor een wandeling door de Gap of Dunloe, een 10 kilometer lange kloof in een magische stilte. Bij een meer verzamelt zich een clubje Duitse fotografen. Ze volgen een fotoworkshop in Ierland en zijn al even verrukt als ik. “Das Licht ist toll!” roept een dame die haar statief in de modder probeert te planten.

Als we de Black Valley naderen, waar het altijd schijnt te regenen, is er net een filmcrew bezig, met in de hoofdrol drie kinderen in rode capejes. Het mysterieus gecomponeerde landschap leent zich uitstekend voor een Harry Potter-achtige film. Ik sluit heel even mijn ogen om te horen hoe het landschap klinkt. Een kraai vliegt op met een hoop kabaal, terwijl in de verte een schaap aan het blaten is. Niet veel later hoor ik hoefgetrappel. Een paardenkoets. “Wanna have a drive back luv’?”

'Das Licht is toll' in de Gap of Dunloe

‘Das Licht is toll’ in de Gap of Dunloe

Uitzichtpunt Ladies View is vernoemd naar de hofdames van koningin Victoria

Uitzichtpunt Ladies View is vernoemd naar de hofdames van koningin Victoria

De volgende dag, na een heerlijke curry in ons hotel naast de Lidl, verlaten we Killarney. We zijn op weg naar Ladies View, een beroemd uitzichtpunt aan de Ring of Kerry. Het dankt haar naam aan de hofdames van koningin Victoria die hier in 1861 waren en geen genoeg kregen van het uitzicht op de meren van Killarney. We zijn niet de enigen; onderweg staan we in de file. Wat blijkt: een touringcar van OAD heeft in een bocht een personenauto geschampt. Gewonden zijn er niet, maar de materiële schade is aanzienlijk. Achter onze auto staat een takelwagen. Ik vraag de bestuurder of hij voor het ongeluk komt. “No,” zegt hij in Iers dat ondertiteling vergt, hij is onderweg naar een andere aanrijding in de buurt van Sneem. Hij kijkt niet op van het incident: “It happens all the time.”

De wegen langs de Ring of Kerry zijn inderdaad aan de krappe kant. De route telt ook nog eens veel bochten en natuurlijk allemaal Europeanen die met het zweet in de handen links moeten rijden. Na elke bezienswaardigheid word je eraan herinnerd: ‘DRIVE LEFT’.

Aardbeienpannenkoeken

Na het groen van Moll’s Gap – landschappelijk een van de mooiste plekken langs de Ring of Kerry – wacht het geel van The Strawberry Field, in de buurt van Blackwater. Hier moeten we echt even langs, aldus collega-reisjournalist Anne Wesseling. Ooit rende ze er naar binnen, schuilend voor de regen, en ontdekte ze per toeval dat het pannenkoekenhuis wordt gerund door Nederlanders. Margaret en Peter staan er nog steeds, in hun kerriegele cottage met spectaculair uitzicht.

The Strawberry Field, pannenkoekenhuis gerund door Nederlanders

The Strawberry Field, pannenkoekenhuis gerund door Nederlanders

De 19-jarige baby van toen serveert er nu de aardbeienpannenkoeken

De 19-jarige baby van toen serveert er nu de aardbeienpannenkoeken

Twintig jaar geleden zijn ze hier neergestreken. Bij toeval eigenlijk; ze waren op bezoek bij een vriend die in Kenmare een huis bezit en maakten een reis door zuidwest-Ierland. “Ik was op slag verliefd,” vertelt Margaret. “Op de oude vervallen huizen. Op de vriendelijke mensen. En op de enorme stukken ongerepte natuur waar je uren kon rijden zonder iemand tegen te komen. Bij elk huis dat te koop stond, keken mijn man en ik elkaar aan. Voor de grap zeiden we: kopen?”

Eenmaal thuis bleef het borrelen: Ierland was wel heel mooi. Het stel verhuisde in 1997 met twee dochters, de ene amper een half jaar oud, richting Moll’s Gap waar een vervallen landhuis schreeuwde om bewoond te worden. Inmiddels trekt het pannenkoekenhuis toeristen uit heel Ierland en wordt onze bestelling opgenomen door de 19-jarige baby van toen.

Huizen, muurtjes, kerkjes: alles bestaat uit gestapelde stenen– alleen hadden ze in de IJzertijd de stapeltechniek een stuk beter onder de knie dan nu

Stapelen

Eerlijk is eerlijk, na een paar uur rijden op de Ring of Kerry begint de drukte wat te irriteren. Gelukkig kun je na het plaatsje Sneem al snel de weg af voor Staigue Fort, een imposant cirkelvormig fort. Ieren stapelen graag. Huizen, muurtjes, kerkjes. Alles bestaat uit gestapelde stenen, met dit verschil dat ze in de IJzertijd de stapeltechniek een stuk beter onder de knie hadden dan nu. Menig muurtje langs de weg is omgewaaid, daarentegen staat het ronde fort na 2.500 jaar nog altijd als een huis.

Ieren stapelen graag: zo ongeveer alles bestaat uit gestapelde stenen

Ieren stapelen graag: zo ongeveer alles bestaat uit gestapelde stenen

Het imposante cirkelvormige Staigue Fort staat na 2.500 jaar nog als een huis

Het imposante cirkelvormige Staigue Fort staat na 2.500 jaar nog als een huis

In winderig Waterville bracht Charlie Chaplin zijn vakanties door

In winderig Waterville bracht Charlie Chaplin zijn vakanties door

We rijden verder over de Ring of Kerry, maar niet zonder even te stoppen in Waterville, waar een levensgroot beeld staat van Charlie Chaplin, die hier een paar keer zijn vakantie doorbracht. Beats me why… het is er winderig en bepaald niet pittoresk. Bovendien komt uit elk huis het blikken geluid van een tin whistle, waarmee hotels, restaurants en café’s publiek probeert te lokken. Ieder vanuit zijn eigen naar de zee gerichte speaker.

Holy ground

Na Waterville verlaten we de Ring of Kerry en rijden we richting Portmagee voor wat achteraf het hoogtepunt van de reis zal blijken: de Skellig Islands. Holy ground, want de nieuwste Star Wars-film is er opgenomen. De Ieren zijn er nog boos om. Althans, natuurminnend Ierland, want de eilanden zijn een natuurreservaat: “We are a nation of whores to allow this.” De Skelligs liggen twaalf kilometer uit de kust. Dagelijks gaan er in de zomer vanuit Portmagee bootjes naartoe, voor de lieve prijs van 60 euro, tenminste als de oceaan relatief rustig is.

Het ene eiland (Little Skellig) wordt bewoond door jan-van-genten, het andere (Skellig Michael) door papegaaiduikers. Alleen Skellig Michael mag je beklimmen. Op 230 meter hoogte wacht je een klooster uit de 6de eeuw, dat genoteerd staat op de Werelderfgoedlijst. Maar zo ver zijn we nog lang niet.

600 Treden leiden naar de top van Skellig Michael...

600 Treden leiden naar de top van Skellig Michael…

...Waar een 6de-eeuws werelderfgoedklooster wacht

…Waar een 6de-eeuws werelderfgoedklooster wacht

Eenmaal boven is het uitzicht betoverend

Eenmaal boven is het uitzicht betoverend

Eerst trekken we in Portmagee aan boord van Pat Joe Murphy een knalgele oliebroek aan, vervolgens ziet in de genadeloze deining van de Magic Atlantic iedereen groen van zeeziekte (uitgezonderd uw verslaggeefster), om daarna opgewacht te worden door twee dolfijnen als we aan land gaan van deze uit zee oprijzende rots. Het praatje van de gids aan de voet van de 600 treden tellende trap blijkt halverwege de klim allesbehalve een overdreven uitingsvorm van de bekende Angelsaksische obsessie met Health & Safety: “Take responsibility for your own actions. The terrain includes sheer cliffs. Accidents and fatalities have occured.”

Hoe Darth Vader deze trap ooit beklom, het is me een raadsel. Mijn knieën knikken, ik huil van angst en spreek mezelf toe: ‘May the force be with me’

Zelden zoveel hoogtevrees gehad als op deze door monniken uitgehakte trap vol losliggende, oneven en glibberige stenen. Hoe Darth Vader met zijn futuristische nazihelm en wapperende cape ooit die trap beklom, het is me een raadsel. Serieus. Mijn knieën knikken, ik huil zelfs van angst en moet mezelf onderweg een paar keer hardop toespreken: ‘May the Force be with me.’ Terwijl anderen roepen dat ik moet kijken hoe mooi het er is, kijk ik alleen naar mijn voeten. De rest google ik wel, denk ik. Totdat ik boven ben, in het microklimaat van een eeuwenoud klooster omringd door flarden mist en het geluid van de oceaan. Eindelijk durf ik van het uitzicht te genieten en dat is buitenaards mooi.

Twee Canadese vrouwen van midden 60 – ik noem ze mijn Canadian Liberators – praten me vervolgens naar beneden. Machu Picchu schijnt nog veel enger te zijn, aldus Sue en Cheryl. Sommige Thaise Tempels blijken ook no-go area te zijn voor mensen met hoogtevrees. Ik houd me vast aan elke trede (geen grap) en verontschuldig me voor mijn traagheid. “No worries, Nicole. The turtle always wins.”

Skellig Michael wordt bewoond door papegaaiduikers, Little Skellig door jan-van-genten

Skellig Michael wordt bewoond door papegaaiduikers, Little Skellig door jan-van-genten

De Skellig Islands zijn het letterlijke en figuurlijke hoogtepunt van de reis

De Skellig Islands zijn het letterlijke en figuurlijke hoogtepunt van de reis

Viking

De laatste twee dagen van onze trip brengen we door op het schiereiland Dingle. We komen er via Valentia Island, dat aan de zuidkant via een brug met Portmagee is verbonden en aan de noordkant via een ferry met Cahersiveen, waar je de Ring of Kerry kunt vervolgen. Het weer wordt echter steeds slechter. Voortgejaagd door de wind blijven we rondhangen in het gelijknamige stadje Dingle: een van de leukste plekken van onze reis met als hoogtepunt een bezoek aan kroeg annex ijzerwarenhandel John’s Fox, de ultieme man cave.

Slea Head, de ruige kustroute die langs de Wild Atlantic Way voert, staat op het programma voor morgen, maar Fungie slaan we over. Het regent pijpenstelen. Bovendien zijn we bij de Skelligs al op onze wenken bediend door niet één, maar twee dolfijnen. Het stadje biedt genoeg afleiding voor een regenachtige middag.

Zo treffen we in de winderige haven een reus met een rode baard. De Viking staat in een tochtgat van jewelste en heeft allemaal spullen bij zich in vuilniszakken. Op zijn pet schreeuwt het logo van een heavymetalband. Een zwerver – denk je – met knuisten uit de IJzertijd. Tot er een klein meisje van een jaar of zeven op een krukje voor hem gaat zitten en de man zich van een hele andere kant laat zien. Blijkt Rick, want zo heet de reus, al drie generaties vrouwen in Dingle te voorzien van haarvlechtjes! Het had weinig gescheeld of ik stond twee dagen later met een Iers vlechtje in mijn haar op Schiphol. Hail the red, orange and pale! «

Slea Head is een ruige kustroute die langs de Wild Atlantic Way voert

Slea Head is een ruige kustroute die langs de Wild Atlantic Way voert

Maar eerst verpozen we in het stadje Dingle op het gelijknamige schiereiland

Maar eerst verpozen we in het stadje Dingle op het gelijknamige schiereiland

Uitzicht op de Skellig Islands vanaf Valentia Island

Uitzicht op de Skellig Islands vanaf Valentia Island

Ring of Kerry: de route
De Ring of Kerry is – mind you – Ierlands populairste autoroute. Het kan er dus druk zijn! De route is 177 km lang en voert over het schiereiland Iveragh (Kerry), deels langs de indrukwekkende Wild Atlantic Way (de in totaal 2500 kilometer lange kustroute van Ierland). De meeste mensen starten in Killarney en rijden de route tegen de klok in. Wij reden de route echter met de klok mee en hadden daarom minder last van drukte op de weg – en de route was er zeker niet minder mooi om. In het zuiden kom je langs het plaatsje Waterville, waar Charlie Chaplin regelmatig vakantie vierde. De noordzijde van de route gaat langs de baai van Dingle en het plaatsje Killorglin, bekend van de jaarlijkse Puck Fair, waarbij een geit gekozen wordt als koning. Langs de route zijn diverse bezienswaardigheden, waaronder Muckross House, Ladies View, Moll’s Gap en Staigue Fort. De Gap of Dunloe is niet in de route opgenomen, maar is zeker de moeite waard. Hetzelfde geldt voor de Skellig-eilanden (buitenaards mooi!) en Valentia Island (betoverend). Neem de tijd en doe minimaal twee dagen over de Ring of Kerry, of drie als je de Skellig-eilanden meepakt. Een boottocht naar de Skelligs (vertrek vanuit Portmagee) duurt minimaal zes uur.
In elk horeca-etablissement vind je een keur aan whiskeys - in Ierland mét een 'e'

In elk horeca-etablissement vind je een keur aan whiskeys – in Ierland mét een ‘e’

Logeren in Zuidwest-Ierland
Eén ding is zeker: in dit deel van Ierland hoef je geen moment bang te zijn dat je geen logeeradres kan vinden. Langs de Ring of Kerry en in Dingle struikel je over de bed & breakfasts. Wij sliepen aan de haven van Portmagee in The Moorings Guesthouse (2pk va. € 100) met een uitstekende keuken. In het Benners Hotel (2pk va. € 139) aan de Main Street in Dingle eet je gerookte zalm bij het ontbijt. We wierpen een blik in het landhuis The Cahernane House Hotel (2pk va. € 150) en waren meteen verliefd. Dit zusje van Muckross House in Killernay werd gebouwd in 1656. In de wijnbar wachten heerlijke Ierse whiskeys en zingt Frank Sinatra. Boven heb je vanuit het restaurant uitzicht op het nationaal park van Killarney. In de haven van Knightstown op Valentia Island staat een historisch pand uit 1830 waarin een bijzonder romantisch hotel gevestigd is met panoramisch uitzicht op de baai: Royal Valentia (2pk va. € 80).
De lekkerste pannenkoek sinds tijden eet je bij The Strawberry Field

De lekkerste pannenkoek sinds tijden eet je bij The Strawberry Field

Eten in Zuidwest-Ierland
De lekkerste pannenkoek sinds tijden eet je bij The Strawberry Field (Sneem Road, Blackwater). Dit kerriegele pannenkoekenhuis bevindt zich ter hoogte van Moll’s Gap aan de Ring of Kerry. Knappe jongen die het ongezien passeert. Het leuke is dat de zaak al twintig jaar wordt gerund door een Nederlands stel. Voor de lekkerste handmade buns, breads, chutney en jam moet je echt even stoppen bij Jack’s Bakery & Deli in Killorglin (ook aan de Ring of Kerry). Het stadje geniet grote bekendheid door de Puck Fair die hier jaarlijks in augustus plaatsvindt en duizenden mensen uit heel Ierland lokt met als doel een geit tot koning uit te roepen. Speaking of which, wij aten erg goed in het hip aandoende restaurant The Goat in Dingle (Goat Street). Voor het lekkerste gebak moet je naar Skellig Mist Café in Portmagee. In dit kleine café gerund door chef-kok Eileen is het steevast druk. Het wachten waard. Oh ja, Eileen vertelde in een krant dat ze de catering had gedaan voor de crew van de nieuwe Star Wars, de kaskraker die deels op de Skellig-eilanden is gefilmd. Naar eigen zeggen had ze het nog nooit zo druk gehad.
Dick Mack's is de meest legendarische pub van Zuidwest-Ierland

Dick Mack’s is de meest legendarische pub van Zuidwest-Ierland

Pubs in Zuidwest-Ierland
De meest legendarische pub van Zuidwest-Ierland vind je in Dingle: Dick Mack’s (Green Street) uit 1899, vernoemd naar de zoon van de oprichter. Richard Mac Donnell was behalve schoenmaker bijzonder fotogeniek. Overal hangen foto’s van hem – nooit zonder hoed en intrigerende oogopslag. Als we er tegen zevenen binnenlopen, is er livemuziek, maar niemand lijkt echt interesse te hebben; muziek is overal in Ierland. Net als Guinness en een sterk verhaal. Oh ja, buiten is er een walk of fame. Gaat u naar Dick Mack’s? Julia Roberts, Robert Mitchum, Dollly Parton en vele andere celebrities gingen u voor. Foxy John’s (Main Street) is minstens zo spectaculair. De ultieme man cave, want kroeg en ijzerhandel ineen, bevindt zich ook in Dingle en blinkt uit in chaos. In Portmagee gaan de locals elke dinsdagavond los met livemuziek in The Bridge Bar als de eigenaar van de bar zijn complete familie optrommelt (luisterend naar de bekende Ierse naam Kennedy) voor een avondje luid meezingen.
Foxy John's in Dingle is de ultieme man cave...

Foxy John’s in Dingle is de ultieme man cave…

...Want kroeg en ijzerhandel ineen

…Want kroeg en ijzerhandel ineen

Nieuwsbrief: € 0,-
De mooiste reisverhalen van de beste reisjournalisten in je mailbox? Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief.